04-05-2012 / BTW-verlaging voor podiumkunsten, niet voor beeldende kunst

Vorige week heeft de gelegenheidscoalitie gelukkig besloten om enkele maatregelen van de gedoogcoalitie terug te draaien, waaronder de BTW-verhoging voor de podiumkunsten. Daarover drie opmerkingen:

 

1. Ingangsdatum BTW-verlaging voor entreegelden

Hoe zit het met de voorverkoop van entreekaarten als de BTW-verlaging per 1 juli 2012 ingaat? De datum van het optreden is het moment van de belastbare prestatie, dus voor optredens van vóór 1 juli geldt nog 19% BTW en voor optredens vanaf 1 juli geldt 6% BTW. Maar art. 13 Wet OB bepaalt dat de BTW al verschuldigd is als de vergoeding wordt ontvangen, hetgeen betekent dat bij voorverkoop de BTW al moet worden afgedragen. Maar dan wel tegen het BTW-tarief dat hoort bij de datum van het latere optreden.

Als reeds 19% BTW is afgedragen over voorverkoop voor optredens vanaf 1 juli a.s., mag dit worden herrekend en het verschil op een volgende BTW-aangifte worden verminderd.

Mochten er facturen zijn uitgereikt, waarop de BTW gespecificeerd is vermeld, dan moeten die facturen wel worden herzien, want specifiek in rekening gebrachte BTW is altijd verschuldigd en kan niet zomaar herrekend worden.

 

2. Ook BTW-verlaging voor gages van artiesten/gezelschappen?

Op dit moment is nog niet duidelijk of de BTW-verlaging behalve voor entreegelden ook gaat gelden voor de gages van artiesten/gezelschappen. Tot 1 januari 2011 stonden de entreegelden in post B-14 van Tabel I bij de Wet OB en de optredens van uitvoerende kunstenaars in post B-17 van Tabel I bij de Wet OB. Twee aparte posten, de eerste was ingevoerd per 1 september 1997 en de tweede per 1 januari 2002. Maar worden ze nu ook beiden per 1 juli a.s. verlaagd naar 6% ? Het antwoord hierop is nog onbekend.

Meestal is het BTW-tarief op de gages voor artiesten/gezelschappen niet van belang, omdat het theater, poppodium of andere opdrachtgever zelf BTW-plichtig is en de berekende BTW dus als voorbelasting kan verrekenen c.q. terugvragen. Maar soms is de BTW wel een kostenpost, zoals bij optredens op scholen, privé-feesten of voor andere vrijgestelde of niet-BTW-plichtige opdrachtgevers. Het kost weinig belastinggeld om ook hiervoor het lage BTW-tarief van 6% weer te laten gelden, maar het zou in dit deel van de markt wel enorm helpen.

 

3. Geen BTW-verlaging voor beeldende kunst

Het lijkt er sterk op dat de BTW-verlaging niet ook gaat gelden voor de beeldende kunst. Dat is erg pijnlijk, want galeries en beeldend kunstenaars hebben veel last van de hogere BTW en in december 2010 waren zij ook al vergeten bij het uitstel van de BTW-verhoging met een half jaar, dat toen alleen voor de podiumkunsten ging gelden. Het lage BTW-tarief voor beeldende kunst bestond als sinds 1 januari 1969 en werd eind 2010 in een tijdsbestek van 2 maanden afgeschaft. Heel hard met heftige gevolgen voor de markt van beeldend kunstenaars en galeries. D66, Groen Links en ChristenUnie hebben hier echt iets laten liggen in de gelegenheidscoalitie.

 

Categorie: Diversen

« Terug