09-06-2011 / Verschil tussen BTW op 'toegang tot voorstellingen' en op 'gages van artiesten'
Tot 1 juli a.s. vallen zowel de "toegang tot voorstellingen" als de "gage van artiesten" onder het lage BTW-tarief van 6%. Hoe zit dat daarna?
Zowel de "toegang tot muziek- en toneelvoorstellingen" van post B-14 als het "optreden door uitvoerende kunstenaars" van post B-17 zijn geschrapt uit Tabel I bij de Wet op de omzetbelasting, waarin het lage BTW-tarief van 6% wordt gespecificeerd. Officieel per 1 januari 2011, maar de staatssecretaris van Financiën heeft met een beleidsbesluit de inwerkingtreding met een half jaar uitgesteld tot 1 juli 2011. Maar het betekent dat niet alleen de BTW op de "toegang" maar ook op de "gages" omhoog gaat naar 19%.
Momenteel loopt er een rechtzaak bij Rechtbank Den Haag, aangespannen door de VNPF, VSCD, VVTP en VVEM (w.o. Mojo Concerts). Daarin wordt bepleit dat de verhoging van de BTW op de "toegang tot muziek- en toneelvoorstellingen" in strijd is met de BTW-richtlijn van de EU, omdat de "toegang" in die richtlijn in dezelfde rubriek staat als musea, circussen, attractieparken, bioscopen, kermissen en sportwedstrijden. En een onderscheid in BTW-tarief binnen die rubriek zou alleen zijn toegestaan als er geen concurrentieverstoring is, terwijl de procederende partijen beweren dat die verstoring er wel is. De uitspraak is op 29 juni a.s..
Maar deze rechtzaak gaat niet over het "optreden door uitvoerende kunstenaars", want dat staat in de BTW-richtlijn in een andere rubriek. Dit betekent dat ongeacht de uitspraak de BTW op gages, uitkoopsommen, partages e.d., dus op de facturen van de artiesten, per 1 juli a.s. omhoog gaat van 6% naar 19%. Tenzij het kabinet dit uit eigen beweging zou aanpassen, maar dat kunnen wij ons niet goed voorstellen.
